Uitgelicht


Plekken van Plezier

‘Plekken van Plezier’ was het thema van Open Monumentendag 2019 en van de expositie die de Historische Kring Weesp die dag in haar kantoor in het Fort aan de Ossenmarkt had ingericht. Op verzoek van een aantal mensen in deze aflevering van ‘Uitgelicht’ de expositie om deze in alle rust nog eens te bekijken.

Het thema ‘Plekken van Plezier’ zorgde voor heel wat voorpret binnen de HKW. Vooral bij mannen begonnen de ogen te glinsteren. Ja, één plek van plezier wisten ze allemaal wel. En laten we daar nu net geen foto van hebben. Een afbeelding van een Weesper bordeel zult u op deze kleine expositie dan ook niet aantreffen. Wel oude foto’s van andere plekken waar Weespers veel plezier hadden en nog steeds hebben, zoals het zwembad, de POC, het Grote Plein, de Vecht en uitspanningen. Veel ‘plezier’ gewenst bij het bekijken van deze ‘plekken’

Als stad aan het water mocht in Weesp uiteraard een zwembad niet ontbreken. De allereerste ‘Bad- en Zweminrichting’ werd rond 1900 gebouwd en bestond uit een lang houten gebouw aan de Muiderbinnenweg (tegenwoordig Stationsweg) dat het water instak. Op deze foto uit 1923 het zwembad tijdens de zwemtijd voor vrouwen en meisjes want er mocht nog niet gemengd gezwommen worden. Badmeesters van het eerste uur waren de heren Koster en Bakker. Links Bakker. Hij was niet makkelijk, maar leverde daardoor wel goede zwemmers af. Het zwembad sloot vlak voor de Tweede Wereldoorlog de deuren vanwege de komst van een nieuw bad aan de Utrechtseweg.



Ook bij het tweede zwembad van Weesp zwom je gewoon in de Vecht. Dit eveneens in houtbouw uitgevoerde zwembad werd in 1937 in gebruik genomen. Het is een schitterend ontwerp van de Weesper stadsarchitect Kors Breijer, in een Romantisch Expressionisme bouwstijl met elementen van de Amsterdamse School. Heel veel Weespers hebben hier hun eerste zwemlessen genoten. Daarna kwamen ze er graag terug om er te zwemmen, waarbij badmeester De Bruijn alles goed in de gaten hield. Vanwege de slechte kwaliteit van het Vechtwater moest het zwembad in de jaren zestig de deuren sluiten. Tegenwoordig is het gebouw - een Rijksmonument - in gebruik bij de Weesper Roeivereniging.

Volop waterplezier in het buitenbad van zwembad Blijwater aan de Basisweg. Dit derde zwembad van Weesp opende zijn deuren in de jaren zeventig. Het geliefde buitenbad met zijn drukbezochte ‘ligweide’ werd echter eind jaren tachtig volgestort met puin dat vrijkwam bij de sloop van de huizen in de Paul Krugerstraat. Op dat gedeelte van het zwembadterrein vestigde zich tuindersvereniging Van Houten. De hoger dan de omgeving liggende randen van het zwembad zijn nu nog duidelijk te onderscheiden. Het definitieve einde van zwembad Blijwater kwam op 24 augustus 2002. Tijdens een enorme hoosbui stortte het dak in. Het verouderde zwembad, een financieel blok aan het been van de gemeente, werd als verloren beschouwd en gesloopt. Twee jaar later verrees aan de Basisweg het Victoriabad inclusief Spa Welness. In tegenstelling tot de eerste drie gemeentelijke zwembaden is het Victoriabad een particulier initiatief.

 

Een plek waar veel Weespers ongetwijfeld veel plezier hebben gehad was de in 1948 geopende bioscoop annex theater ‘City of Wesopa’ aan de Herengracht. Daar werden de nieuwste films bekeken en ontmoetten Weespers elkaar tijdens toneelvoorstellingen, dansavonden en lezingen. In de beginjaren werd het nieuwe theater druk bezocht en moest er tot op straat in de rij worden gestaan voor een kaartje.

Willy Alberti, de ‘Tenore Napoletano’, trad geregeld op in de in 1948 geopende bioscoop annex theater City of Wesopa. Zijn dochter Willeke beleefde daar op 9-jarige leeftijd haar podiumdebuut. Ook De Fouryo’s (‘Zeg Niet Nee’) waren te zien in Weesp. Handtekeningen en foto’s van Willy en de Fouryo’s in het Wesopa-artiestenboekje. Aan het einde van de jaren vijftig keerde het tij, waarna de gemeente het met verlies draaiende theater kocht en nog tot 1969 open hield. ‘Zorro kruist de degens’ was dat jaar de laatste film die in de City draaide. Na enkele jaren een andere bestemming te hebben gehad, is het theater in 1991 weer geopend. Het is nu dankzij de vele vrijwilligers een bloeiend theater met films, toneelvoorstellingen, muziek en culturele manifestaties.

Op 23 november 2012, precies 78 jaar na de oprichting, viel voor de laatste keer het doek bij toneelvereniging ‘Ons Clubje’. Het laatste stuk was eigentijds genoeg - ‘Vrouw zoekt boer’ - maar de acht overgebleven spelers konden de kar niet meer trekken. ‘Ons Clubje’ had de City of Wesopa jarenlang als ‘thuisbasis’ . Daar werden stukken met tot de verbeelding sprekende titels als ‘Van een ander ras’ (1950), ‘De man, de vrouw en de moord’ (1963), ‘Hoogheid uw kameel staat voor’ (1967) en ‘Mijn vrouw verlangt salaris!’ gespeeld. Om welk stuk het gaat op deze foto is niet bekend.

Het bekendste hotel van Weesp was ‘De Roskam’ aan het Buitenveer. Vermoedelijk rond 1700 gebouwd als paardenwisselplaats en herberg, vervulde het pand vanaf 1900 een publieke functie. In de grote zalen waren muziekuitvoeringen, filmvoorstellingen, toneeluitvoeringen, feesten en partijen. Ook was het de vaste locatie van de deftige ‘Herensociëteit De Roskam’. Buiten was onder de bomen een mooi terras met muziektent en een houten hut. Daar kon met een drankje genoten worden van het mooie weer. Na de opening van de ‘City of Wesopa’ in 1948 raakte ‘De Roskam’ in de versukkeling. Uiteindelijk zou het complex in 1964 worden afgebroken om plaats te maken voor de Irenelaan, waarmee Weesp een markant gebouw verloor. De naam leeft nu nog voort in de Roskamstraat , de Roskambrug en Sociëteit De Roskam.


Smaakt de pijp tabak u goed, zijt gij tevreden van gemoed. De leden van de ‘Herensociëteit De Adelaar’ heffen in 1935 in De Roskam het (bier)glas terwijl ze zichtbaar genieten van de opgestoken pijpen.

Het even verderop aan het Buitenveer gelegen Hotel-café-lunchroom ‘De Poort van Weesp’ was in vroeger jaren een bekende uitspanning waar menig fietser op het terras een verfrissing nam. Voor de Tweede Wereldoorlog logeerden er op kosten van de Magneet-fabriek geregeld bekende wielrenners voor wie de Weesper fietsenfabriek fietsen op maat maakte.

Aan de Herengracht bij de Noordersluis stond ‘Stalhouderij en Uitspanning’ ’t Loosje, hier op een foto uit 1914. De naam was waarschijnlijk afgeleid van het woord logement. ’t Loosje wordt voor het eerst in 1806 genoemd en beschreven in een officieel stuk, maar al eerder was op deze plek een tapperij annex herberg gevestigd. De grote zaal werd voor allerlei doeleinden gebruikt: openbare verkopingen, voorlichtingsavonden en bijeenkomsten van verenigingen. Sinds 1952 was de zaal in gebruik bij dansschool Conny en Wout uit Amsterdam. Later werd het Dansschool Dekkers. De oude paardenstalling werd in 1979 omgebouwd tot bar ‘t Karrewiel. ’t Loosje werd tot 1999 gebruikt als dansschool en partycentrum.

Geen foto, geen reclamemateriaal, niets resteert er van Bakker Gans. Toch speelde zijn joodse bakkerij, die sinds 1861 in de Slijkstraat was gevestigd in het pand van bakkerij Abbekerk, een belangrijke rol in het openbare leven en binnen de joodse gemeenschap van Weesp en Amsterdam. Dat kwam door de feestzaal achter zijn bakkerij. Daar waren joodse huwelijken (choepa’s) met koshere diners en was er geregeld de inzegening van een bar mitswa (kerkelijke meerderjarigheid van een jongen). Verder werden er jubilea gevierd en vergaderingen, verkopingen en politieke bijeenkomsten gehouden. Op deze foto zien we de viering van een ‘dubbelhuwelijk’ in 1903 van twee zusters Rodrigues de Miranda met twee broers Elion in de tuin achter ‘Maison Gans’. Zittend vlnr Rebecca en haar man Salomon Elion, daarnaast Bet en David Elion. Geheel rechts, zo op het oog voor een WC-deur, staat Salomon (Monne) Rodrigues de Miranda, de broer van de twee bruiden en de latere wethouder van Amsterdam. De Miranda was getrouwd met Selly Elion, zuster van de bruidegommen. Bakker Gans overleed op 13 januari 1917. Zijn inboedel werd op 1 februari openbaar geveild, ironisch genoeg in zijn eigen feestzaal. Een treurig einde van een leven vol feesten en partijen.

Weesp telde in de jaren zeventig maar liefst drie ‘jeugdhonken’: de POC, Flat 113 en ‘t Vosje. Je kwam steevast bij één van de drie, liever niet bij een ander. Bij cultureel centrum de POC speelden de grote bands, bij disco Flat 113 was het elk weekend ‘boogie wonderland’ en voor alternatieve rock, jazz en een jointje moest je naar ‘t Vosje. De drie bekende jeugdhonken openen alle rond 1968 hun deuren. In een oud schoolgebouw aan Achter ’t Vosje begint Jongerencentrum ’t Vosje; in een oud Duits radiopeilstation aan de Fijnvandraatlaan start de Christelijke Jeugd Sociëteit Flat 113 en op de Herengracht opent het Parochiaal Ontspanningscentrum (POC) de deuren. De Weesper muziekcentra bevinden zich in goed gezelschap. Bij het Leidseplein in Amsterdam gaat in 1968 poptempel Paradiso open, toen nog als ‘kosmisch ontspanningscentrum’. De POC begon overigens in 1963 al als katholieke jongerensoos en zou later uitgroeien tot een heus cultureel centrum met verschillende zalen. Op de foto de openingsavond van de Grote Zaal in de jaren zeventig. De ‘jeugdhonken’ begonnen tegelijkertijd en verdwenen ook weer in hetzelfde tijdvak. Begin jaren negentig sloten zowel ’t Vosje, de POC als Flat 113 hun deuren. Dat was geen toeval. Rond die tijd ging de subsidiekraan voor jeugdcultuur dicht en nam de hoeveelheid regels voor horeca en uitgaan toe. Bovendien legden de kleinere poppodia het af tegen de veel grotere stadionconcerten.

Als er één plek is in Weesp waar Weesper vaak plezier maakten en nog maken, dan is het wel het Grote Plein. In de 18e eeuw genoten de burgers ervan als na een gerechtelijke uitspraak op het plein een veroordeelde werd opgehangen, daar kunnen we tegenwoordig niet meer om lachen. Het Grote Plein ontstond  toen het tweede stadhuis van Weesp gereed was door het slopen van een aantal woningen. De Nieuwstraat was nog een gracht en voor het stadhuis werd die overkluisd door de brede Jorisbrug. Op deze prent uit 1811 van Leendert Overbeek zien we een heer die op het nieuwe plein een pijp staat te roken.

Muziekuitvoeringen zijn er altijd geweest op het Grote Plein. Op deze foto uit 1909 zingt het koor ‘Arti et Religioni’ onder leiding van de bekende, destijds in Weesp wonende organist, componist en dirigent Johan Schafstall - de opa van cabaretier Youp van ’t Hek - liederen tijdens de festiviteiten ter ere van de geboorte van prinses Juliana.

Van een iets ander kaliber was het optreden van Vanessa op het Grote Plein tijdens één van de Sluis- en Bruggenfeesten. Het Grote Plein staat mudvol met opvallend veel jongemannen, allemaal fans van Vanessa…

Lang voor de Amsterdamse ‘grachtenconcerten’ had Weesp al een grachtenconcert. Eind jaren twintig is er op de in de Voorgracht gelegen dekschuit ‘Albert II’ van de firma Vree een muziekuitvoering. Welk muziekkorps er speelt en waarom is niet bekend, maar de belangstelling is groot. En er kan eventueel ’s avonds doorgespeeld worden want voor verlichting is gezorgd.


Varen is altijd een plezierige aangelegenheid. Op deze door de Weesper fotograaf Van Overeem genomen foto uit het begin van de vorige eeuw, zien we een Weesper gezelschap dat zich opmaakt voor een vaartocht. We weten het niet zeker, maar het kan de ‘reisclub’ zijn van de belangenvereniging ‘Handeldrijvende Middenstand’ die jaarlijks een uitstapje maakte. De boot is een Weesper beurtschip waar met houten schotten een tweede verdieping op is gemaakt. Het is maar de vraag of deze ‘overbevolking’ van de boot tegenwoordig nog zou mogen. De boot ligt afgemeerd aan de Herengracht. Te herkennen is wat tegenwoordig restaurant ’t Heertje is. Links daarvan een oud jeneverpakhuis. Op die plek staat nu de City of Wesopa.


 Aan sportverenigingen heeft Weesp nooit een gebrek gehad. Zo werd in 1923 de Weesper Schaakclub opgericht. Toch moeten er al eerder liefhebbers in Weesp actief zijn geweest. Op deze in 1914 door de Weesper huisschilder/fotograaf Boudewijn van den Bergh genomen foto zijn de heren de schaaksport zeer serieus aan het beoefenen. Van den Bergh moet de foto met een zelfontspanner hebben genomen, want hij schaakt zelf mee, rechts zittend op een rotanstoeltje.

Voor kinderen was de straat bij uitstek een plek van plezier. Na schooltijd werd je door moeder, die haar handen vol had aan het huishouden, naar buiten gestuurd, als je tenminste niet in huis een klusje moest doen. En dan was het eindeloos buitenspelen. Fotograaf Van den Bergh woonde in een groot huis op de hoek van de Kerkstraat/Middenstraat. Voor zijn ‘fotografisch atelier’ moest je in de Middenstraat het steegje in tussen het Patrimonium-gebouw (nu Het Automatenkabinet) en Café Centraal. Rechts op de foto de schilderstrap van Van den Bergh. Kinderen vonden het maar wat machtig om op de foto te gaan. Achter de kinderen drie schilderknechts.


Ook De Kom is een ‘Plek van Plezier’. De hengelsport werd vroeger massaler beoefend dan tegenwoordig. De Weesper fotograaf Van Overeem legde op een zomeravond in 1910 dit mooie ‘hengelsporttableau’ vast bij De Kom. De mannen zijn aan het bijpraten terwijl ze een hengeltje uitgooien. Nog steeds is De Kom een Plek van Plezier. Nu liggen er zomers jachten en zitten er mensen op de terrassen aan het water die er zijn gekomen.


Ook altijd een mooi moment in De Kom is de aankomst van Sinterklaas. De pakjesboot vaart via de Noordersluis De Kom in waar Sint en zijn pieten door honderden kinderen en hun ouders worden verwelkomd. Als je als kind geluk hebt, dan mag je Sint op de kade zelf een handje geven.


Waarmee we bij de Vecht zijn aanbeland als ultieme ‘Plek van Plezier’. Zijn het zomers plezierjachten, sloepen, roeiers en zwemmers die op en in de Vecht plezier hebben, ook ’s winters kun je van de rivier genieten. Maar dan moet het wel flink vriezen en dat is de laatste jaren helaas niet meer voorgekomen. Deze foto is genomen tijdens één van de twee strenge winters aan het einde van de jaren zeventig. De in 1975 gerestaureerde molen De Vriendschap draait; molen d’Eendragt wordt gerestaureerd. Er is een baantje uitgezet. Het is niet echt druk op het ijs, wellicht dat het een koude dag was.

Watersportplezier op de Vecht in de tijd dat de jachten nog niet overdreven groot en protserig waren en ook het fenomeen ‘Locaboat’ nog niet bestond. We zien de jachthaven van watersportvereniging ‘De Vecht’ met links de kerktoren van de in 1968 door brand verwoeste Gereformeerde Kerk. Rechts op deze foto uit 1956 een eenzame zeiler.

Spektakel op de Vecht als er door wsv De Vecht speedboatraces werden georganiseerd. In de haven gepavoiseerde jachten. Veel publieke belangstelling is er niet, althans de wallen staan niet vol mensen. De foto dateert uit de jaren vijftig.

In de tijd dat er nog niet massaal werd gefietst met racefietsen, werd hardgelopen in speciale pakken, sportcomplex de Vechtoever niet bestond met zijn hockeyvelden en er ook nog geen manege was, mochten Weespers zondags graag een wandelingetje maken naar de ’s-Gravelandseweg. Op deze foto, die fotograaf Van Overeem rond 1900 maakte, zien we oude Lange Vechtbrug met daarachter de groene Ossenmarkt.

 

Toen in 1963 het nieuwe bejaardentehuis Bernardus aan de Herengracht zijn deuren opende, was het een modern gebouw waar vanuit je een mooi zicht had op de Zwaantjesbrug. Terwijl de dames aan de thee zitten, heeft de enige man in het gezelschap zich van hen afgekeerd. Hij heeft meer interesse voor wat er buiten gebeurt dan in het gesprek aan tafel. Zo heeft iedereen z’n plezier…



Op de antiekbeurs Art Breda dook in mei 2019 een onbekend 17e eeuws schilderij van Weesp op. Het wintergezicht, dat in de catalogus de titel 'View on Weesp, skaters on the ice on the Vecht river' kreeg, is van de hand van de Hollandse meester Jan Abrahamsz. van Beerstraten. Het doek uit 1657, afkomstig uit een Italiaanse privéverzameling, is misschien wel het belangrijkste schilderij van Weesp ooit gevonden. Het concurreert in ieder geval met het stadsgezicht van Isaac van Ruysdael uit 1645 dat eind twintigste eeuw door een Weesper in een Zuid-Afrikaans museum werd ontdekt.

De Amsterdamse schilder en tekenaar Van Beerstraten schilderde voornamelijk zeestukken en Amsterdamse stadsgezichten, maar was ook vaak in andere steden en dorpen te vinden. Het schilderij toont Weesp als bloeiende stad in de Gouden Eeuw. Uit die tijd zijn weinig schilderijen bekend. Het werk lijkt zeer waarheidsgetrouw. De meeste aandacht gaat uit naar de Muiderpoort en de restanten van de oude middeleeuwse stadsmuur met torens langs de Vecht. Interessant is ook de weergave van de toren van de Grote Kerk. Daarin hangt in 1657 nog het oude carillon en wie goed kijkt ziet dat de toren een achtkantige stenen opbouw lijkt te hebben. Dit lijkt te worden bevestigd door het eerder opgedoken stadsgezicht van Isaac van Ruysdael uit 1645. De toren moet na de plaatsing van het carillon (na 1676) in ieder geval veranderingen hebben ondergaan waardoor het de gedaante heeft gekregen zoals wij de toren nu kennen. Helemaal rechts is nog iets anders zeer interessants te zien: een herberg of café. Zou dat de voorganger van het huidige café 't Helletje zijn? Uit archiefonderzoek is bekend dat er op die plek vermeldingen van bebouwingen zijn die teruggaan tot 1560. Pas rond 1700 duikt de naam op die plek de naam ‘t Helletje op als jeneverstokerij. Dit schilderij suggereert dat er al iets van een uitspanning was te vinden. De gemeente Weesp heeft interesse getoond in de aankoop van het schilderij voor Museum Weesp. Wie weet kunnen we het ooit nog eens in het echt bewonderen.



__________________________________________________________________________________________________________


Secretariaat: Ellen Pouwels, Roskamstraat 9, 1381 AL Weesp, tel: 0294 - 413968, email: secretaris@hkweesp.nl